Onderzoeken
Omdat pulmonale hypertensie een erg zeldzame ziekte is,wordt er vaak pas laat aan gedacht.Over het algemeen stelt men de diagnose ongeveer twee jaar na het opduiken van de eerste symptomen: de klachten zijn namelijk weinig specifiek en ze worden aanvankelijk vaak verkeerd geïnterpreteerd als verschijnselen van astma of hyperventilatie.
Om pulmonale hypertensie vast te kunnen stellen, is er eerst een klinisch onderzoek nodig. De arts zal de patiënt daarna ook grondig ondervragen over zijn of haar medische voorgeschiedenis en medicatiegebruik. Vervolgens moet de patiënt een aantal diagnostische testen ondergaan uit het volgende overzicht:
1. Elektrocardiogram
2. Echografie van het hart
3. Rechterhart-katheterisatie
4. Longfunctie-onderzoek
5. Inspanningstesten
6. Slaapstudie
7. Radiografie en scan van de longen
8. Perfusie-cintigrafie
9. Pulmonale angiografie
10. Bloedtesten en bloedgasanalyse
11. Erfelijke screening
12. Longbiopsie